|
|
De Kroniek van Enkhuizen brengt de Enkhuizer geschiedenis opnieuw tot leven
Middels infozuilen op 19 locaties verdeeld over de stad worden beelden en krantenverhalen van het tijdperk 1880 tot 1935 opnieuw uitgelicht. Een historisch document voor de stad Enkhuizen, waaraan een speciale wandelroute gekoppeld is. Ter ondersteuning van deze wandelroute is een historische krant uitgegeven. Op deze website vindt u het laatste nieuws en kunnen bewoners en geïnteresseerden verder meeschrijven aan de Enkhuizer geschiedenis.
Onderwerp: Categorie
IJspret in de Oosterhaven van Enkhuizen, winter
januari/februari 1963.
Helling waarover auto's vanuit het Hennegat de
Oosterhaven opreden voor toertocht over het
IJsselmeer.
Onderwerp: Categorie
Toertocht over het IJsselmeer vanuit Enkhuizen.
Auto's aan de achterkant van het Spui in Enkhuizen.
Onderwerp: Categorie
Gisteren, 16 januari 2012, fietste ik naar het
haventje halverwege aan de dijk Enkhuizen/Lelystad in een heerlijk
zonnetje aan een strak blauwe hemel bij een temperatuur van vijf
graden boven nul. Een heel verschil met januari 1963 toen er een
toertocht met auto's over h...
Onderwerp: Categorie
Januari
1963 was een zeer koude maand. De winter ‘62/’63 ligt nog in ieders
geheugen die deze winter bewust meemaakte. De zeer strenge vorst
maakte het mogelijk om met auto’s een toertocht over het IJsselmeer
te maken. Maar hoe kom je in Enkhuizen met een auto op het
IJs...
Onderwerp: Categorie
Sinterklaas 1957 kregen wij thuis televisie. Nou ja kregen,
mijn oudste broer Piet die toen al een aantal jaren werkte had het
geld voor dat televisietoestel opgespaard en hij was zo aardig deze
in de huiskamer te plaatsen. Later toen hij trouwde nam hij het
toestel trouwens ...
Onderwerp: Categorie
Kleine
wijk
Eigenaren
van de buurtwinkels noemde je ook je buren, er was begin jaren
vijftig weinig of geen afstand tussen de mensen. Zelfs in zo’n
kleine wijk als het Havenkwartier van Enkhuizen vond je alle
winkels die in het levensonderhoud konden voorzien. Aan de Havenwe...
Onderwerp: Categorie
hallo ik ben in het bezit van een
familie portret van foto graaf a.dekema
het zijn mijn oma en opa tante,s en ooms
klein ligthart
het is eigenlijk een copy
mijn vraag is hebben jullie alleen de foto van fam koster
groet ria van nijendaal
Onderwerp: Categorie
Trien Bakker, enkele korte herinneringen.
Het was volgens mij kort na de oorlog, mogelijk in 1947, dat
er bij Trien was ingebroken.
Via de zijgevel en de openslaande deuren van het atelier waren
de daders binnen gekomen.
Er was een ruit van een van de deuren stuk geslagen, waarna
men de deuren kon open maken.
De daders hadden foto apparatuur meegenomen en zijn
ongehinderd vertrokken. Er ...
Onderwerp: Categorie
Toen ik
als kind een keer ziek was en de ziekte een poosje aanhield kwam er
een zuster van het Groene Kruis die me temperatuurde. Een
thermometer bezaten de meeste mensen niet, ik spreek van begin
jaren vijftig, dus wij ook niet. Deze zuster was gekleed in een
soort donkerblau...
Onderwerp: Categorie
Onlangs, samen met kleinzoon een ijsje etend op het terras aan de
haven van Enkhuizen rook ik een bekende geur. Nee, geen vislucht
zoals vroeger, hoewel er daar wel een vistent staat. Een man in
wielrennerkostuum die daar ook zat rookte een sigaar. Die
sigarenlucht deed me d...
In onze rubriek in Weekblad
de Drom publiceren wij elke week een foto uit ons archief.
Bijvoorbeeld een bruin geworden portret of een vervaagde foto met
een gezellig uitziende bijeenkomst met een aantal Enkhuizers.
Van veel foto’s weten wij niet waar in Enkhuizen of wanneer het is
of wie de mensen die er op staan zijn.
Help ons het onbekende weer bekend te maken! Herkent u iets of
iemand? Laat het ons weten via
e-mail, telefoon of Word gratis
lid van de Kroniek van Enkhuizen en plaats een reactie bij de
foto waarover u ons meer kunt vertellen. De reacties worden zowel
hier op de Kroniek van Enkhuizen als in Weekblad de Drom geplaatst.
Elke dag was het een enorme drukte op
het station en in de treinen. De Grote Trek noemde de krant die
dagelijkse arbeidsmigratie van Enkhuizen naar de
Zaanstreek.
's Zomers was het minder druk. Niet vanwege de vakanties, die waren
nog niet zo lang. Veel werknemers hadden nog een eigen bouwtje en
dan moesten de aardappelen of tulpen gerooid worden. Veel bedrijven
gaven de mogelijkheid zes weken verlof op te nemen.
In 1954 was er nog geen sprake van. Rodenburg kon praten
wat hij wilde, maar Plan Noord zou de Bloemenbuurt worden. Er moest
een Azaleaplein komen met daaromheen straten met namen als de
Rozenstraat en de Begonia-, Seringen-, Violen-, Dahlia-, Fresia-,
Anjer-, Anemonen- en Chrysantenstraat. Burgemeester Admiraal was
het met zijn raad eens. In één wijk straten naar bloemen en
verzetsmensen vernoemen, dat werd een rommeltje.
Rodenburg was teleurgesteld. Hij werd bijna emotioneel toen hij de
raadsleden erop wees dat als de verzetsmensen er niet geweest
waren, er straten in de stad zouden zijn geweest met namen als de
Mussertstraat, de Feldmeijerstraat of zelfs een Goering- of
Hitlerstrasse!
De Enkhuizer bankdirecteur J. Aarents - voormalig
koopvaardijoffïcier - en H. de Booy, secretaris en later voorzitter
van de Noord- en Zuidhollandse Reddingsmaat-schappij, waren de
initiatiefnemers voor een reddingsboot in Enkhuizen. Ze hadden
succes, in 1944 werd deze gestationeerd.
Door de oorlog konden verschillende reddingsstations niet meer
functioneren, er waren dus schepen over. Enkhuizen 'kreeg' de
President Steyn uit Egmond. De Duitsers wilden wel dat de naam van
het schip veranderd werd. President Steyn had een belangrijke rol
gespeeld in de Boerenoorlog in Zuid-Afrika, waar hij ook een eed
van trouw aan de Engelse troon had gezworen. De naam van de boot
moest het politiek neutralere reddingsboot Enk huizen worden.
'Dank u voor uw gedane moeite heer
burgervader met verontschuldigingen van dit schrijven bij voorbaat
als ondergetekende fouten heeft geschreven of beledigingen uwer
zijde. Ondergetekende licht voor de reddingsboot tegenover H. Buis
Vishandel, Rookerij en Zouterij.' Zo eindigde van Timmeren zijn
brief aan burgemeester Haspels in juli 1948.
Wonen en werk. Dat waren de twee belangrijkste problemen
van Enkhuizen. In het oudejaarsnummer in de Enkhuizer Courant van
december 1954 werd er al melding van gemaakt. De industrialisatie
kwam niet van de grond en daardoor zocht een toenemend aantal
Enkhuizers werk in de Zaanstreek.
Ook uit Hoorn en Alkmaar kwamen soortgelijke berichten. De Noordkop
gold als ontwikkelingsgebied, nu zouden we achterstandsgebied
zeggen. De bewoners trokken weg om elders werk te vinden. Tot zijn
verbazing moest burgemeester Admiraal in zijn nieuwjaarstoespraak
in januari 1955 toegeven dat de Enkhuizers wel trouw bleven aan hun
geboortestad. Ze bleven in Enkhuizen wonen, hoe ver ze elke dag ook
moesten reizen. Het inwonertal liep dan ook maar heel langzaam
terug. Door het vertrekoverschot telde Enkhuizen 36 inwoners minder
vergeleken met het jaar daarvoor.
„Maar maandag was het natuurlijk mis en toen kwam weer het
vreselijke en kwam er weer bloederigheid mee aan de slijmen. Dat
was weer een schrik", zo schreef Guurtje Garms over de ziekte van
haar moeder in 1915. Haar moeder was al een tijd
ziek.
In het jaar daarvoor had Guurtje geschreven: 'Moeder was in 't
begin van de week wel weer wat vlugger, maar de laatste dagen was
het weer zo verschrikkelijk. Hoesten en braken onophoudelijk. We
werden er verlegen mee. O wat had ik het toch weer te doen, ik kon
het niet helpen, ik moest onophoudelijk bidden en schreien en kon
niet anders denken aan mijn moeder'.
In het jaarboek De Speelwagen van juli 1950 hield Sjoerd
Spoelstra een gloedvol betoog over het Zuiderzeemuseum. Het
binnenmuseum was op 1 juli van dat jaar geopend, maar, zo lijkt de
boodschap in De Speelwagen te luiden: 'het échte museum moest het
buitenmuseum worden'.
Spoelstra was bestuurslid van de vereniging Vrienden van het ZZM en
als zodanig één van de gangmakers van het museum. Met brede gebaren
schetste hij zijn ideale buitenmuseum. 'Dan moest het uitzicht
behouden (blijven) over de weidsheid van de grote plas, dan moesten
botters en jollen zijn haven in-en uitscheren, dan moest het
klompenvertier van het vissersvolk in rap bedrijf over de
steigertjes klossen, de pasgeteerde netten over de staken te drogen
hangen en de scherpe geur van vis-in-de-rook door de buurten
waren'.
In de loop van zondag 1 februari 1953 werd al duidelijk dat
het helemaal mis was in Zeeland. Van uur tot uur werden de
tijdingen uit Zeeland somberder en somberder. Hele gebieden waren
onbereikbaar. Alleen een enkele radioamateur kon de buitenwereld
nog bereiken. De berichten die ze verzonden deden het ergste
vrezen.
Pas toen verslaggevers als Herman Felderhof, Jan de
Troye of Arie Kleywegt hun huiveringwekkende verslagen de ether
instuurden, werd de volle ernst van de situatie duidelijk. De felle
noordwesterstorm had samen met de springvloed een watersnoodramp
zonder weerga ' veroorzaakt.
Op woensdag 16 augustus 1950 's avonds om 7 uur braken de
balanspriemen, zeg maar de 'armen' van de Kat- en Hondsbrug. Met
een daverende klap sloeg de balans zelf - gevuld met tweeduizend
kilo oud ijzer - tegen de hamei, het staande gedeelte van de
brug.
Andere stukken van de armen plonsden in het water. Dat er geen
slachtoffers gevallen waren, was een wonder.
Zoek in Beeldarchief
Zoekt u specifieke beelden van Enkhuizen op deze website? Via het bovenstaande formulier kunt u alle foto’s en videos op deze website doorzoeken.
|
|